Amateur dj

 
BK-0419-2

Globaal

Titel

Amateur dj

Definitie

Een amateur dj mixt bestaande en/of zelf gecomponeerde muziekstukken en/of remixt bestaande nummers met behulp van software en hardware teneinde de (re)mix aan een publiek te laten horen tijdens muziekevenementen en/of opnames in de vrije tijd.

Niveau (VKS en EQF)

4

Jaar van erkenning

versie 2, 2019

Competenties

Opsomming competenties

Transversaal algemeen
  • Competentie 1:
    Werkt samen
    • Communiceert gepast met alle betrokken actoren
    • Overlegt over de voorbereiding en uitvoering
    • Doet een eigen inbreng
    • Respecteert de inbreng van anderen
    • Volgt aanwijzingen op van alle betrokken actoren
    • Stelt zich flexibel op
    • Werkt mee aan het groepsbelang
    • Enthousiasmeert anderen
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van communicatietechnieken
  • Competentie 2:
    Werkt met oog voor het eigen welzijn en het welzijn van anderen
    • Handelt ergonomisch verantwoord
    • Beschermt zich tegen gehoorschade
    • Gaat veilig om met materiaal en instrumenten
    • Signaleert risico’s
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van gehoorbescherming.
    • Basiskennis ergonomie
    • Basiskennis van veiligheidsregels
Transversaal creëren
  • Competentie 3:
    Ontwikkelt een eigen artistieke praktijk
    • Heeft oog voor maatschappelijke en artistieke tendensen
    • Heeft oog voor artistieke en culturele praktijken
    • Heeft oog voor technieken en technologische trends in relatie tot de eigen werkzaamheden
    • Reflecteert over de eigen praktijk
    • Ontwikkelt een eigen artistieke taal
    • Heeft oog voor de eigen artistieke ontwikkeling
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van de grote muzikale en maatschappelijke tendensen.
    • Basiskennis van de artistieke terminologie.
    • Kennis van de verschillende muzikale contexten (de podiumsector, festivals, evenementen, wedstrijden …).
    • Kennis van de relevante informatiebronnen eigen aan de sector(tijdschriften, websites, steunpunten, conferenties, opleidingen …).
  • Competentie 4:
    Ontwikkelt artistieke concepten en ideeën
    • Integreert opgedane inzichten in het creatieve proces
    • Verzamelt basismateriaal
    • Analyseert basismateriaal
    • Werkt aan een persoonlijke visie
    • Gaat scheppend, associatief en (re)productief om met intuïties
    • Interageert met andere artistieke disciplines
    • Transformeert waarnemingen en indrukken in artistieke ideeën
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van muziekgeschiedenis.
    • Basiskennis van muziekstijlen.
    • Basiskennis andere artistieke disciplines
    • Kennis van de relevante informatiebronnen eigen aan de sector(tijdschriften, websites, steunpunten, conferenties, opleidingen …).
  • Competentie 5:
    Zet artistieke concepten en ideeën om in een uitvoerbaar geheel
    • Geeft vorm aan verbeelding
    • Kiest materiaal, toestellen, apparatuur, hardware, software, technieken en methodes
    • Hanteert materiaal, toestellen, apparatuur, hardware, software, technieken en methodes
    • Bewaakt mee de artistieke visie
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van communicatietechnieken
    • Kennis van de verschillende muzikale contexten (de podiumsector, festivals, evenementen, wedstrijden …).
    • Kennis van vakterminologie.
    • Kennis van de creatieprocessen eigen aan de sector.
    • Kennis van de relevante informatiebronnen eigen aan de sector(tijdschriften, websites, steunpunten, conferenties, opleidingen …).
Specifieke activiteiten
  • Competentie 6:
    Bestudeert/analyseert het basismateriaal van een uitvoering
    • Vergaart informatie en maakt hier gebruik van
    • Ontwikkelt artistieke ideeën in verband met de eigen inbreng en kan deze vertolken
    • Maakt zich vertrouwd met de vereisten van het eigen aandeel in de voorstelling
    • Analyseert de muziek waarmee hij/zij aan de slag gaat (tempo, toonaard, cuepoints …)
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van muziektheorie.
    • Basiskennis van muziekstijlen.
    • Basiskennis van muzieknotatie.
    • Basiskennis van muzieknotatiesystemen.
    • Basiskennis van het intellectueel eigendomsrecht.
    • Kennis van de creatieprocessen eigen aan de sector.
    • Kennis van ritmiek.
    • Kennis van instrumentale en/of vocale uitdrukkingsmogelijkheden.
    • Kennis van instrumentale en/of vocale technieken.
    • Kennis van interpretatietechnieken.
    • Kennis van instrument en/of hard- en software.
  • Competentie 7:
    Bepaalt de voorwaarden voor de uitvoering
    • Bespreekt de voorwaarden voor het optreden
    • Selecteert muziek, muziekgenres, muziekfragmenten, klankfragmenten …
    • Ontwikkelt alleen of met anderen ideeën voor optredens
    • Test alleen of met anderen ideeën voor optredens uit
    • Houdt rekening met de mogelijkheden en de beperkingen van de locatie (materiaal, infrastructuur, tijd …)
    • Geeft richtlijnen voor de organisatie van het podium
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van geluidsinstallaties.
    • Basiskennis van budgetbeheer
    • Basiskennis van communicatietechnieken
  • Competentie 8:
    Bereidt het lichaam en het materiaal voor op de nodige vaardigheden
    • Bereidt het lichaam voor op de repetities, de voorstellingen, de opnames ...
    • Bereidt zich voor op de fysische vereisten van zijn aandeel
    • Kiest soft- en hardware
    • Beheerst soft- en hardware
    • Kiest uitdrukkingsmogelijkheden
    • Beheerst uitdrukkingsmogelijkheden
    • Manifesteert een persoonlijke aanpak
    • Luistert naar de kwaliteit van de klank
    • Onderhoudt technische vaardigheden
    • Checkt alle hard- en software
    • Doet een soundcheck
    • Kan de techniek vasthouden en in verschillende situaties inzetten
    • Gaat veilig en duurzaam om met lichaam en materiaal
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van gehoortraining.
    • Basiskennis van gehoorbescherming.
    • Basiskennis van muziekstijlen.
    • Kennis van instrumentale en/of vocale uitdrukkingsmogelijkheden.
    • Kennis van instrumentale en/of vocale technieken.
    • Kennis van ademhalingstechnieken.
    • Kennis van interpretatietechnieken.
    • Kennis van instrument en/of hard- en software.
  • Competentie 9:
    Repeteert het eigen aandeel
    • Kan de bereikte uitvoeringsgraad vasthouden, herhalen en er op verder werken
    • Neemt artistieke beslissingen
    • Onderbouwt de eigen artistieke visie en aanpak
    • Geeft vorm aan de eigen visie en verbeelding
    • Zoekt en onderzoekt technische mogelijkheden van het materiaal en uitdrukkingsmogelijkheden
    • Stelt zich open en laat zich inspireren
    • Zet persoonlijke kwaliteiten en vaardigheden in
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van memorisatietechnieken.
    • Basiskennis van communicatietechnieken
    • Kennis van ritmiek.
    • Kennis van instrumentale en/of vocale uitdrukkingsmogelijkheden.
    • Kennis van instrumentale en/of vocale technieken.
    • Kennis van interpretatietechnieken.
    • Kennis van instrument en/of hard- en software.
  • Competentie 10:
    Vertolkt alleen of met medemuzikanten/zangers zijn aandeel in de uitvoering voor het publiek en/of opname
    • Verbindt muziek, muziekgenres, muziekfragmenten, klankfragmenten … tot een geheel
    • Beoordeelt muziek of geluid
    • Synchroniseert ritmepatronen en tempo’s
    • Maakt een remix van bestaand materiaal
    • Hanteert een eigen mix-stijl
    • Gebruikt een platendraaier, cd-speler, muziek soft- en hardware …
    • Regelt het volume en de klank van de muziek
    • Beluistert het volgend nummer met een hoofdtelefoon (prelistening)
    • Presenteert werk aan een publiek
    • Speelt flexibel in op ruimte en omstandigheden
    • Past de mix aan wijzigende omstandigheden aan
    • Speelt in op de reacties van het publiek
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van communicatietechnieken
    • Kennis van ritmiek.
    • Kennis van instrumentale en/of vocale uitdrukkingsmogelijkheden.
    • Kennis van instrumentale en/of vocale technieken.
    • Kennis van interpretatietechnieken.
    • Kennis van instrument en/of hard- en software.
  • Competentie 11:
    Reflecteert over en verbetert de eigen prestatie en/of de groepsprestatie en communiceert hierover
    • Reflecteert over eigen werk en praktijk
    • Reflecteert en communiceert over de eigen prestatie met de betrokken medewerkers
    • Stuurt bij op aangeven van de andere betrokkenen
    • Stuurt zichzelf bij ten voordele van een gemeenschappelijk resultaat
    • Toetst af of de artistieke uitdrukkingsvorm het gewenste effect heeft bereikt
    • Maakt afspraken met betrokken medewerkers
    • Accepteert feedback
    • Stelt zich flexibel op
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van communicatietechnieken
    • Kennis van vakterminologie.
  • Competentie 12:
    Registreert de eigen uitvoering
    • Gebruikt consumer hard- en software
    • Neemt een muziek(re)mix op
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van akoestiek.
    • Basiskennis van geluidsinstallaties.
    • Basiskennis van types audiodragers.
    • Basiskennis van mixing en mastering.
  • Competentie 13:
    Begeleidt de promotie en verspreiding naar de media en het publiek
    • Levert inhoudelijk materiaal aan voor de communicatie over de uitvoering
    • Geeft informatie over de uitvoering en zijn aandeel erin (uitvoering, inhoud …)
    • Gebruikt sociale/digitale media
    • Maakt een selectie van opnames in functie van kanaal en doel
    • Bepaalt langs welke kanalen (online, op fysieke dragers …) de opnames verspreid worden
    • Kiest bewust voor een bepaalde vormgeving
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van communicatietechnieken
    • Basiskennis vormgeving

Beschrijving competenties a.d.h.v. de descriptorelementen

Kennis

  • Basiskennis van de grote muzikale en maatschappelijke tendensen.
  • Basiskennis van de artistieke terminologie.
  • Basiskennis van akoestiek.
  • Basiskennis van geluidsinstallaties.
  • Basiskennis van types audiodragers.
  • Basiskennis van muziektheorie.
  • Basiskennis van mixing en mastering.
  • Basiskennis van gehoortraining.
  • Basiskennis van gehoorbescherming.
  • Basiskennis van memorisatietechnieken.
  • Basiskennis van muziekgeschiedenis.
  • Basiskennis van muziekstijlen.
  • Basiskennis van muzieknotatie.
  • Basiskennis van muzieknotatiesystemen.
  • Basiskennis van het intellectueel eigendomsrecht.
  • Basiskennis van budgetbeheer
  • Basiskennis van communicatietechnieken
  • Basiskennis ergonomie
  • Basiskennis van veiligheidsregels
  • Basiskennis andere artistieke disciplines
  • Basiskennis vormgeving
  • Kennis van de verschillende muzikale contexten (de podiumsector, festivals, evenementen, wedstrijden …).
  • Kennis van vakterminologie.
  • Kennis van de creatieprocessen eigen aan de sector.
  • Kennis van de relevante informatiebronnen eigen aan de sector(tijdschriften, websites, steunpunten, conferenties, opleidingen …).
  • Kennis van ritmiek.
  • Kennis van instrumentale en/of vocale uitdrukkingsmogelijkheden.
  • Kennis van instrumentale en/of vocale technieken.
  • Kennis van ademhalingstechnieken.
  • Kennis van interpretatietechnieken.
  • Kennis van instrument en/of hard- en software.

Cognitieve vaardigheden

  • Communiceert gepast met alle betrokken actoren
  • Overlegt over de voorbereiding en uitvoering
  • Respecteert de inbreng van anderen
  • Volgt aanwijzingen op van alle betrokken actoren
  • Stelt zich flexibel op
  • Werkt mee aan het groepsbelang
  • Enthousiasmeert anderen
  • Signaleert risico’s
  • Heeft oog voor maatschappelijke en artistieke tendensen
  • Heeft oog voor artistieke en culturele praktijken
  • Heeft oog voor technieken en technologische trends in relatie tot de eigen werkzaamheden
  • Reflecteert over de eigen praktijk
  • Heeft oog voor de eigen artistieke ontwikkeling
  • Integreert opgedane inzichten in het creatieve proces
  • Verzamelt basismateriaal
  • Analyseert basismateriaal
  • Werkt aan een persoonlijke visie
  • Interageert met andere artistieke disciplines
  • Transformeert waarnemingen en indrukken in artistieke ideeën
  • Kiest materiaal, toestellen, apparatuur, hardware, software, technieken en methodes
  • Bewaakt mee de artistieke visie
  • Vergaart informatie en maakt hier gebruik van
  • Maakt zich vertrouwd met de vereisten van het eigen aandeel in de voorstelling
  • Bespreekt de voorwaarden voor het optreden
  • Selecteert muziek, muziekgenres, muziekfragmenten, klankfragmenten …
  • Ontwikkelt alleen of met anderen ideeën voor optredens
  • Houdt rekening met de mogelijkheden en de beperkingen van de locatie (materiaal, infrastructuur, tijd …)
  • Geeft richtlijnen voor de organisatie van het podium
  • Kiest soft- en hardware
  • Kiest uitdrukkingsmogelijkheden
  • Luistert naar de kwaliteit van de klank
  • Onderhoudt technische vaardigheden
  • Kan de techniek vasthouden en in verschillende situaties inzetten
  • Neemt artistieke beslissingen
  • Onderbouwt de eigen artistieke visie en aanpak
  • Zoekt en onderzoekt technische mogelijkheden van het materiaal en uitdrukkingsmogelijkheden
  • Beoordeelt muziek of geluid
  • Beluistert het volgend nummer met een hoofdtelefoon (prelistening)
  • Presenteert werk aan een publiek
  • Speelt flexibel in op ruimte en omstandigheden
  • Speelt in op de reacties van het publiek
  • Reflecteert over eigen werk en praktijk
  • Reflecteert en communiceert over de eigen prestatie met de betrokken medewerkers
  • Toetst af of de artistieke uitdrukkingsvorm het gewenste effect heeft bereikt
  • Maakt afspraken met betrokken medewerkers
  • Accepteert feedback
  • Stelt zich flexibel op
  • Gebruikt consumer hard- en software
  • Neemt een muziek(re)mix op
  • Levert inhoudelijk materiaal aan voor de communicatie over de uitvoering
  • Geeft informatie over de uitvoering en zijn aandeel erin (uitvoering, inhoud …)
  • Gebruikt sociale/digitale media
  • Maakt een selectie van opnames in functie van kanaal en doel
  • Bepaalt langs welke kanalen (online, op fysieke dragers …) de opnames verspreid worden
  • Kiest bewust voor een bepaalde vormgeving

Probleemoplossende vaardigheden

  • Past de mix aan wijzigende omstandigheden aan
  • Stuurt bij op aangeven van de andere betrokkenen
  • Stuurt zichzelf bij ten voordele van een gemeenschappelijk resultaat

Motorische vaardigheden

  • Doet een eigen inbreng
  • Handelt ergonomisch verantwoord
  • Beschermt zich tegen gehoorschade
  • Gaat veilig om met materiaal en instrumenten
  • Ontwikkelt een eigen artistieke taal
  • Gaat scheppend, associatief en (re)productief om met intuïties
  • Geeft vorm aan verbeelding
  • Hanteert materiaal, toestellen, apparatuur, hardware, software, technieken en methodes
  • Ontwikkelt artistieke ideeën in verband met de eigen inbreng en kan deze vertolken
  • Analyseert de muziek waarmee hij/zij aan de slag gaat (tempo, toonaard, cuepoints …)
  • Test alleen of met anderen ideeën voor optredens uit
  • Bereidt het lichaam voor op de repetities, de voorstellingen, de opnames ...
  • Bereidt zich voor op de fysische vereisten van zijn aandeel
  • Beheerst soft- en hardware
  • Beheerst uitdrukkingsmogelijkheden
  • Manifesteert een persoonlijke aanpak
  • Checkt alle hard- en software
  • Doet een soundcheck
  • Gaat veilig en duurzaam om met lichaam en materiaal
  • Kan de bereikte uitvoeringsgraad vasthouden, herhalen en er op verder werken
  • Geeft vorm aan de eigen visie en verbeelding
  • Stelt zich open en laat zich inspireren
  • Zet persoonlijke kwaliteiten en vaardigheden in
  • Verbindt muziek, muziekgenres, muziekfragmenten, klankfragmenten … tot een geheel
  • Synchroniseert ritmepatronen en tempo’s
  • Maakt een remix van bestaand materiaal
  • Hanteert een eigen mix-stijl
  • Gebruikt een platendraaier, cd-speler, muziek soft- en hardware …
  • Regelt het volume en de klank van de muziek

Omgevingscontext

  • Het mixen wordt uitgeoefend in de amateurkunstensector. De omgeving is artistiek/creatief.
  • Het repeteren gebeurt in vertrouwde omgevingen en omstandigheden.
  • Het optreden gebeurt in diverse omgevingen en omstandigheden zowel binnen als buiten.
  • Het repeteren en mixen gebeurt meestal alleen en sporadisch in teamverband.
  • De repetities en optredens worden afgebakend in de tijd, wat deadlines met zich meebrengt: resultaatgerichtheid, concentratie, stressbestendigheid, flexibiliteit en doorzettingsvermogen zijn belangrijke eigenschappen.
  • Repeteren en optreden gebeurt meestal in de vrije tijd (’s avonds, ’s nachts, tijdens weekends en/of in de gebruikelijke vakantieperiodes).
  • Bij het optreden wordt rekening gehouden met de aanwezigheid van een publiek.
  • De kunstbeoefenaar kan voor een organisator of opdrachtgever werken.
  • Het artistiek proces bepaalt de volgorde van uitvoering van de verschillende activiteiten.

Handelingscontext

  • De amateur kunstbeoefenaar heeft oog voor esthetiek.
  • Er is resultaatgerichtheid wat concentratie en nauwkeurigheid vergt.
  • De amateur kunstbeoefenaar is actief betrokken bij de omgeving en gaat er flexibel mee om.
  • De handelingscontext is zeer afwisselend hetgeen reflectief handelen vergt.
  • De amateur kunstbeoefenaar gaat veilig om met apparatuur, materiaal en toestellen.
  • De amateur kunstbeoefenaar heeft oog voor de tevredenheid van de opdrachtgever en het publiek door met zorg, precisie en toewijding te werken.
  • De amateur kunstbeoefenaar heeft bijzondere aandacht voor de (artistieke/creatieve) context van het eindproduct.
  • Het functioneren in een groep vraagt een zekere flexibiliteit.

Autonomie

Is zelfstandig in
  • het selecteren en mixen.
  • het memoriseren van muziek, muziekgenres, muziekfragmenten, klankfragmenten …
  • het voorbereiden van apparatuur voor optredens en opnames.
  • het zich fysiek voorbereiden.
  • het bedenken van concepten in de vrije tijd.
  • het nemen van artistieke beslissingen in de vrije tijd.
  • het vertolken van zijn aandeel.
  • het reflecteren over en het verbeteren van de eigen prestatie en/of groepsprestatie en in het communiceren hierover.
Is gebonden aan
  • het eigen concept of het collectieve concept.
  • de uitvoerbaarheid van het concept.
  • het beschikbaar budget.
  • de wens van de opdrachtgever.
  • de technische mogelijkheden van de gebruikte apparatuur.
  • het intellectueel eigendomsrecht.
Doet beroep op
  • het logistiek team.
  • de geluidstechnici.

Verantwoordelijkheid

  • Werkt samen
  • Werkt met oog voor het eigen welzijn en het welzijn van anderen
  • Ontwikkelt een eigen artistieke praktijk
  • Ontwikkelt artistieke concepten en ideeën
  • Zet artistieke concepten en ideeën om in een uitvoerbaar geheel
  • Bestudeert/analyseert het basismateriaal van een uitvoering
  • Bepaalt de voorwaarden voor de uitvoering
  • Bereidt het lichaam en het materiaal voor op de nodige vaardigheden
  • Repeteert het eigen aandeel
  • Vertolkt alleen of met medemuzikanten/zangers zijn aandeel in de uitvoering voor het publiek en/of opname
  • Reflecteert over en verbetert de eigen prestatie en/of de groepsprestatie en communiceert hierover
  • Registreert de eigen uitvoering
  • Begeleidt de promotie en verspreiding naar de media en het publiek

Attesten en voorwaarden

Wettelijke attesten en voorwaarden

Er zijn geen wettelijke attesten of voorwaarden vereist.