Skip to Main Content
 
 
 

Onderwijskwalificatie

Bachelor in de bouw

 

Globaal

Onderwijskwalificatie

Bachelor in de bouw

Situering

  • Codex hoger onderwijs: niveau professionele bachelor
  • Vlaamse kwalificatiestructuur: niveau 6
  • Europese Hogeronderwijsruimte (Dublin-descriptoren): niveau 1ste cyclus
  • Europees kwalificatiekader voor een leven lang leren: niveau 6
  • Studiegebied(en): Industriële wetenschappen en technologie
  • ISCED studiegebied: 0732 Building and civil engineering

Inhoud

De onderwijskwalificatie omvat de domeinspecifieke leerresultaten zoals gevalideerd door de NVAO op 11/05/2015 en daar gekend onder referentie DL190.

De domeinspecifieke leerresultaten zijn:

Bouwproject: gebouwen of infrastructuurwerken IN NIEUWBOUW EN/OF RENOVATIE 

1.

Actief participeren aan de opmaak van een bouwdossier. 

2.

Een bouwdossier (plannen, bestek en meetstaat ) kritisch analyseren en beheren. 

3.

Zelfstandig uitvoeringsplannen voor bouwconstructies uitwerken en zo nodig bijsturen tijdens de realisatie van het bouwproject. 

4.

Oplossingen op maat formuleren en de keuze verantwoorden tussen varianten voor bouwtechnieken en -materialen, rekening houdend met economische haalbaarheid, technische uitvoerbaarheid, geldende regelgeving, duurzaamheid, innovatie en met respect voor de architecturale vereisten van het ontwerp. 

5.

Oordeelkundig en efficiënt inzetten van ICT voor het grafisch voorstellen van bouwkundige plannen en voor het opmaken van de planning en prijscalculatie.

6.

Zelfstandig een onderbouwde en nauwkeurige prijscalculatie maken door een analyse van aanbestedingsdossier, door vergelijking van offertes van leveranciers en onderaannemers, rekening houdend met de eigen middelen van de onderneming.

7.

Zelfstandig een onderbouwde en efficiënte planning opstellen, rekening houdend met uitvoeringstermijn van het bouwproject en beschikbare middelen. 

8.

Constructies opmeten en uitzetten. Zelfstandig de inrichting van een bouwplaats organiseren, rekening houdend met de omgevingsfactoren. 

9.

De operationele leiding van een bouwplaats op zich nemen : uitvoeringstechnische instructies geven aan arbeiders en onderaannemers, de uitvoering van de bouwwerken controleren op kwaliteit en op overeenkomstigheid met de voorschriften. 

10.

Het budget en de planning kritisch opvolgen en de bouwplaats administratief opvolgen, met inbegrip van nacalculatie, en op eigen initiatief rapporteren aan de projectleider.

11.

De kwaliteitsnormen en -afspraken van het bedrijf toepassen op een bouwplaats. 

12.

Veiligheidsrisico’s op de bouwplaats onderkennen. Op eigen initiatief gepaste maatregelen nemen, controleren en doen naleven. 

13.

Schriftelijk, mondeling en grafisch communiceren en onderhandelen met alle betrokkenen, zowel vakgenoten als leken; ook in een vreemde taal.

14.

Constructief samenwerken in een multidisciplinair en multicultureel bouwteam. 

15.

Wetenschappelijke en vaktechnische informatie m.b.t. bouwkunde gericht opzoeken, analyseren en beoordelen op toepasbaarheid. 

16.

Bij alle taken blijk geven van initiatief, verantwoordelijkheid en ondernemerszin. Een creatieve en innovatieve ingesteldheid tonen binnen een bedrijfscontext.