Matroos werktuigkundige STCW III/4

 
BK-0528-1
 Dit is de actuele versie van de beroepskwalificatie.

Globaal

Titel

Matroos werktuigkundige STCW III/4

Definitie

De matroos werktuigkundige STCW III/4 helpt de werktuigkundige bij zijn taakuitvoering teneinde het schip operationeel te houden conform de bedrijfsprocedures en veiligheidsvoorschriften conform de (inter)nationale regelgeving

Afbakening

Het type, het voortstuwingsvermogen en de bruto tonnage van het schip bepalen:
- de lengte van de reis van het schip
- de maximumafstand van een haven
- het soort (hulp)navigatiemiddelen en navigatietechnieken (soort radarnavigatie, …)
- de kennis van meteorologische instrumenten en hun gebruik die voorkomen in het beperkt vaargebied
- het aan boord nemen van voorraad
- de kennis en het gebruik van de soorten communicatiemiddelen voor noodcommunicatie
- de beschikbaarheid van technische hulpmiddelen
Dit heeft tot gevolg dat er binnen de beroepenstructuur verschillende profielen worden voorzien.

Niveau (VKS en EQF)

3

Jaar van erkenning

versie 1, 2020

Competenties

Opsomming competenties

  • Competentie 1:
    Werkt in teamverband
    • Communiceert efficiënt met alle actoren
    • Gebruikt vakterminologie ook in het Engels
    • Gebruikt (interne) communicatiemiddelen
    • Wisselt informatie uit met alle actoren
    • Rapporteert aan de leidinggevende indien nodig
    • Werkt efficiënt samen met andere actoren
    • Stelt zich flexibel op (verandering van bemanningsleden)
    • Volgt aanwijzingen van leidinggevende(n) op
    • Handelt volgens inzicht in de organisatie
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van sociale vaardigheden
    • Basiskennis van gebruik van communicatiemiddelen
    • Kennis van communicatie in het Engels in functie van de taakuitvoering
  • Competentie 2:
    Handelt volgens de bedrijfseigen reglementering
    • Respecteert de omgangsvormen
    • Verzorgt de persoonlijke hygiëne en zorgt voor een verzorgd voorkomen
    • Handelt volgens de bedrijfseigen reglementering
    • Past zijn/haar kledij aan conform de taakuitvoering
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van sociale vaardigheden
    • Kennis van de bedrijfseigen reglementeringen in functie van zijn takenpakket
  • Competentie 3:
    Werkt met oog voor kwaliteit
    • Werkt ergonomisch
    • Werkt economisch
    • Werkt ecologisch
    • Past de bedrijfseigen procedures toe
    • Gebruikt persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen
    • Leert nieuwe opgelegde technieken en past ze toe
    • Ziet er op toe dat de bemanningsleden persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen aanwenden indien nodig
    • Respecteert rusttijden
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van ergonomie in de scheepvaart
    • Kennis van gebruik van (werk)procedures
    • Kennis van persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen
    • Kennis van vakterminologie in functie van de taakuitvoering
    • Kennis van preventiemaatregelen
    • Kennis van arbeidsveiligheid
  • Competentie 4:
    Ondersteunt bij de uitvoering van de maatregelen om het marien leefmilieu te beschermen
    • Past de bedrijfseigen milieuvoorschriften toe
    • Werkt conform de procedures om het marien leefmilieu te beschermen tegen operationele en accidentele vervuiling
    • Sorteert afval en voert het af volgens de procedures
    • Stockeert gevaarlijke en ontvlambare producten volgens de procedures
    • Recupereert materialen conform de procedures
    • Verwerkt afvalstoffen en reststoffen
  • met inbegrip van kennis:
    • Kennis van gebruik van (werk)procedures
    • Kennis van beschikbaar materiaal
  • Competentie 5:
    Draagt bij tot de maritieme beveiliging
    • Herkent dreigingen en reageert gepast om de maritieme beveiliging te vrijwaren
    • Draagt bij tot het verbeteren van de maritieme beveiliging door alert te zijn
    • Houdt zich aan de richtlijnen voor beveiliging
    • Herkent verdacht gedrag van bemanningsleden, nakende vaartuigen, …en rapporteert dit
  • met inbegrip van kennis:
    • Kennis van gebruik van (werk)procedures
    • Kennis van de bedrijfseigen reglementeringen in functie van zijn takenpakket
    • Kennis van veiligheidsprocedures
  • Competentie 6:
    Ondersteunt bij de monitoring en controle van een machinekamerwacht
    • Volgt de orders van de officier
    • Volgt de procedure voor een wachtoverdracht
    • Gebruikt het intern communicatiesysteem
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van gebruik van communicatiemiddelen
    • Basiskennis van principes voor het houden van een veilige wacht
    • Basiskennis van monitoringssystemen van machinekamer
    • Kennis van communicatie in het Engels in functie van de taakuitvoering
    • Kennis van gebruik van (werk)procedures
    • Kennis van preventiemaatregelen
    • Kennis van arbeidsveiligheid
  • Competentie 7:
    Helpt bij de bediening van de hoofd-, hulp- en scheepsspecifieke installaties en de handhaving van de werking ervan
    • Helpt bij het uitvoeren van de procedures voor de opstart en de werking van de motor, turbines, … (oliepeilen controleren, de motor doorblazen en voorsmeren, de brandstoftoevoer voorzien, …)
    • Helpt bij het opstarten en warmdraaien van de scheepsmotor(en)
    • Helpt bij het opstarten van pompen (lenspompen, brandstofpompen, ballastpomp,…) en assisteert bij het bedienen met behulp van pompventielen
    • Helpt bij het opstarten van compressoren, generators, ventilatiesystemen, …
    • Helpt bij het opvolgen van de controlesystemen
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van de kenmerken,, constructie, werking van scheepsinstallaties (dieselmotoren, gasturbines, stoomturbines, boilers, aslijn van de schroef, pompen, compressoren, generatoren, warmtewisselaars (HVAC), ventilatiesystemen, stuursystemen, automatische controlesystemen, dekinstallaties, …)
    • Basiskennis van veiligheidsregels van hoofd-, hulp- en scheepsspecifieke systemen
  • Competentie 8:
    Helpt bij het onderhoud van de voortstuwings- en hulpinstallaties en hun controlesysteem
    • Helpt bij de uitvoering van onderhoudswerkzaamheden (smeren, filters en oliebaden vervangen, onderhoudschemicaliën toevoegen, ontluchten, …)
    • Helpt bij het uitvoeren van metingen en controleert werkingsparameters (peil, druk, temperatuur, …)
    • Helpt bij onderhoud aan kabels, touwen, sluitingen, …
    • Maakt de machinekamer en aanverwante ruimtes schoon
    • Voert onder supervisie oppervlaktebehandelingen uit in de machinekamer en aan de installaties (schuren, ontroesten, schilderen, lakken, …)
    • Gebruikt onderhoudsproducten (oliën, chemicaliën, reinigingsproducten, lakken, verven, …)
    • Gebruikt gereedschap (sleutels, schroevendraaiers, vetpomp, …) onder toezicht
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van de kenmerken,, constructie, werking van scheepsinstallaties (dieselmotoren, gasturbines, stoomturbines, boilers, aslijn van de schroef, pompen, compressoren, generatoren, warmtewisselaars (HVAC), ventilatiesystemen, stuursystemen, automatische controlesystemen, dekinstallaties, …)
    • Basiskennis van veiligheidsregels van hoofd-, hulp- en scheepsspecifieke systemen
    • Basiskennis van gereedschap (handgereedschap, mechanisch, elektrisch, pneumatisch en hydraulisch gereedschap)
  • Competentie 9:
    Hanteert de veiligheidsuitrusting en –procedures volgens de richtlijnen en oefent de veiligheidsprocedures op het schip
    • Neemt deel aan veiligheidsoefeningen (brand, schip verlaten, man over boord, stranding, aanvaring,…)
    • Oefent het gebruik van het veiligheidsmateriaal
    • Oefent EHBO
    • Meldt afwijkingen van de veiligheidsuitrusting aan de leidinggevende
    • Oefent de hem toegewezen taken vanuit de Monsterrol
    • Werkt volgens de vastgelegde procedures, richtlijnen en afspraken aangaande het hanteren van de veiligheidsuitrusting
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van gebruik van communicatiemiddelen
    • Kennis van communicatie in het Engels in functie van de taakuitvoering
    • Kennis van veiligheidstechnieken
    • Kennis van veiligheidssignalisatie
    • Kennis van gebruik van veiligheidsuitrustingen
    • Kennis van brandpreventie en brandbestrijding
    • Kennis van EHBO
    • Kennis van persoonlijke overlevingstechnieken en persoonlijke veiligheid
    • Kennis van samenwerken in nood en gebruik reddingsvlot
  • Competentie 10:
    Waarschuwt de leidinggevende bij incidenten/accidenten en voert de urgentiemaatregel uit
    • Meldt het incident/accident aan de leidinggevende
    • Voert de urgentiemaatregelen uit
    • Past het evacuatieplan toe
    • Draagt beschermings- en reddingsmateriaal
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van gebruik van communicatiemiddelen
    • Kennis van communicatie in het Engels in functie van de taakuitvoering
    • Kennis van veiligheidstechnieken
    • Kennis van veiligheidssignalisatie
    • Kennis van gebruik van veiligheidsuitrustingen
    • Kennis van brandpreventie en brandbestrijding
    • Kennis van EHBO
    • Kennis van persoonlijke overlevingstechnieken en persoonlijke veiligheid
    • Kennis van samenwerken in nood en gebruik reddingsvlot
  • Competentie 11:
    Doet aan brandpreventie en brandbestrijding
    • Neemt brandpreventiemaatregelen
    • Hanteert de branduitrusting volgens de richtlijnen
    • Blust de brand indien mogelijk
    • Volgt de brandprocedures
    • Loopt brandrondes
    • Doet aan brandwacht
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van gebruik van communicatiemiddelen
    • Kennis van veiligheidssignalisatie
    • Kennis van brandpreventie en brandbestrijding
    • Kennis van veiligheidsprocedures
    • Kennis van persoonlijke veiligheidsmiddelen
  • Competentie 12:
    Voert EHBO uit
    • Brengt zichzelf in veiligheid
    • Past BLS toe
    • Controleert bloedingen
    • Neemt basisvoorzorgen bij shock
    • Positioneert het slachtoffer conform de voorschriften
    • Voert basishandelingen uit bij brandwonden en ongevallen door elektriciteit
    • Brengt het slachtoffer in veiligheid
    • Gebruikt het materiaal uit de EHBO-koffer
    • Legt eerste hulp verbanden aan
  • met inbegrip van kennis:
    • Kennis van EHBO
    • Kennis van BLS
  • Competentie 13:
    Gebruikt en bedient reddingsvaartuigen en hulpverleningsboten onder supervisie van de officier
    • Bedient de hulpverleningsboot en het reddingsvaartuig bij het te water laten en de reddingsactie
    • Gebruikt locatiebepalingsapparaten en -technieken
  • met inbegrip van kennis:
    • Basiskennis van de constructie en uitrusting van de hulpverleningsboten (gewone en snelle)
    • Basiskennis van de specifieke eigenschappen van de hulpverleningsboten
    • Basiskennis van de verschillende noodcommunicatiemiddelen
    • Kennis van de methoden om de reddingsboten te water te laten en te bedienen
    • Kennis van de procedures voor het gebruik van de reddingsboten
    • Kennis van de reddingsprocedures aangaande overlevingstechnieken
  • Competentie 14:
    Past persoonlijke overlevingstechnieken toe
    • Past overlevingstechnieken toe in geval van schipbreuk
    • Gebruikt overlevingsmateriaal
    • Gebruikt positiebepalend noodmateriaal en noodcommunicatie
    • Coördineert het overleven op zee in de reddingsboot in geval van schipbreuk
  • met inbegrip van kennis:
    • Kennis van uitrustings- en reddingsmateriaal
    • Kennis van reddingsprocedures
    • Kennis van plaatsbepalend noodmateriaal en noodcommunicatie
  • Competentie 15:
    Volgt de eigen administratie op
    • Houdt de persoonlijke administratie in orde(paspoort, vaarbevoegdheidsbewijs, medische keuring, …) en houdt ze bij
  • met inbegrip van kennis:
    • Kennis van eigen administratie

Beschrijving competenties a.d.h.v. de descriptorelementen

Kennis

  • Basiskennis van sociale vaardigheden
  • Basiskennis van gebruik van communicatiemiddelen
  • Basiskennis van principes voor het houden van een veilige wacht
  • Basiskennis van ergonomie in de scheepvaart
  • Basiskennis van monitoringssystemen van machinekamer
  • Basiskennis van de kenmerken,, constructie, werking van scheepsinstallaties (dieselmotoren, gasturbines, stoomturbines, boilers, aslijn van de schroef, pompen, compressoren, generatoren, warmtewisselaars (HVAC), ventilatiesystemen, stuursystemen, automatische controlesystemen, dekinstallaties, …)
  • Basiskennis van veiligheidsregels van hoofd-, hulp- en scheepsspecifieke systemen
  • Basiskennis van gereedschap (handgereedschap, mechanisch, elektrisch, pneumatisch en hydraulisch gereedschap)
  • Basiskennis van de constructie en uitrusting van de hulpverleningsboten (gewone en snelle)
  • Basiskennis van de specifieke eigenschappen van de hulpverleningsboten
  • Basiskennis van de verschillende noodcommunicatiemiddelen
  • Kennis van communicatie in het Engels in functie van de taakuitvoering
  • Kennis van gebruik van (werk)procedures
  • Kennis van eigen administratie
  • Kennis van persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen
  • Kennis van vakterminologie in functie van de taakuitvoering
  • Kennis van de bedrijfseigen reglementeringen in functie van zijn takenpakket
  • Kennis van preventiemaatregelen
  • Kennis van arbeidsveiligheid
  • Kennis van veiligheidstechnieken
  • Kennis van veiligheidssignalisatie
  • Kennis van gebruik van veiligheidsuitrustingen
  • Kennis van beschikbaar materiaal
  • Kennis van brandpreventie en brandbestrijding
  • Kennis van EHBO
  • Kennis van persoonlijke overlevingstechnieken en persoonlijke veiligheid
  • Kennis van samenwerken in nood en gebruik reddingsvlot
  • Kennis van veiligheidsprocedures
  • Kennis van persoonlijke veiligheidsmiddelen
  • Kennis van BLS
  • Kennis van de methoden om de reddingsboten te water te laten en te bedienen
  • Kennis van de procedures voor het gebruik van de reddingsboten
  • Kennis van de reddingsprocedures aangaande overlevingstechnieken
  • Kennis van uitrustings- en reddingsmateriaal
  • Kennis van reddingsprocedures
  • Kennis van plaatsbepalend noodmateriaal en noodcommunicatie

Cognitieve vaardigheden

  • Communiceert efficiënt met alle actoren
  • Gebruikt vakterminologie ook in het Engels
  • Gebruikt (interne) communicatiemiddelen
  • Wisselt informatie uit met alle actoren
  • Rapporteert aan de leidinggevende indien nodig
  • Werkt efficiënt samen met andere actoren
  • Stelt zich flexibel op (verandering van bemanningsleden)
  • Volgt aanwijzingen van leidinggevende(n) op
  • Handelt volgens inzicht in de organisatie
  • Respecteert de omgangsvormen
  • Handelt volgens de bedrijfseigen reglementering
  • Past zijn/haar kledij aan conform de taakuitvoering
  • Werkt ergonomisch
  • Werkt economisch
  • Werkt ecologisch
  • Past de bedrijfseigen procedures toe
  • Leert nieuwe opgelegde technieken en past ze toe
  • Ziet er op toe dat de bemanningsleden persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen aanwenden indien nodig
  • Respecteert rusttijden
  • Past de bedrijfseigen milieuvoorschriften toe
  • Houdt zich aan de richtlijnen voor beveiliging
  • Volgt de orders van de officier
  • Volgt de procedure voor een wachtoverdracht
  • Gebruikt het intern communicatiesysteem
  • Helpt bij het opvolgen van de controlesystemen
  • Neemt deel aan veiligheidsoefeningen (brand, schip verlaten, man over boord, stranding, aanvaring,…)
  • Meldt afwijkingen van de veiligheidsuitrusting aan de leidinggevende
  • Oefent de hem toegewezen taken vanuit de Monsterrol
  • Werkt volgens de vastgelegde procedures, richtlijnen en afspraken aangaande het hanteren van de veiligheidsuitrusting
  • Past het evacuatieplan toe
  • Neemt brandpreventiemaatregelen
  • Volgt de brandprocedures
  • Positioneert het slachtoffer conform de voorschriften
  • Brengt het slachtoffer in veiligheid
  • Gebruikt locatiebepalingsapparaten en -technieken
  • Helpt bij het uitvoeren van metingen en controleert werkingsparameters (peil, druk, temperatuur, …)
  • Meldt het incident/accident aan de leidinggevende
  • Loopt brandrondes
  • Houdt de persoonlijke administratie in orde(paspoort, vaarbevoegdheidsbewijs, medische keuring, …) en houdt ze bij

Probleemoplossende vaardigheden

  • Werkt conform de procedures om het marien leefmilieu te beschermen tegen operationele en accidentele vervuiling
  • Herkent dreigingen en reageert gepast om de maritieme beveiliging te vrijwaren
  • Draagt bij tot het verbeteren van de maritieme beveiliging door alert te zijn
  • Herkent verdacht gedrag van bemanningsleden, nakende vaartuigen, …en rapporteert dit
  • Voert de urgentiemaatregelen uit
  • Blust de brand indien mogelijk
  • Doet aan brandwacht
  • Controleert bloedingen
  • Neemt basisvoorzorgen bij shock
  • Past overlevingstechnieken toe in geval van schipbreuk
  • Coördineert het overleven op zee in de reddingsboot in geval van schipbreuk
  • Brengt zichzelf in veiligheid

Motorische vaardigheden

  • Verzorgt de persoonlijke hygiëne en zorgt voor een verzorgd voorkomen
  • Gebruikt persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen
  • Sorteert afval en voert het af volgens de procedures
  • Stockeert gevaarlijke en ontvlambare producten volgens de procedures
  • Recupereert materialen conform de procedures
  • Verwerkt afvalstoffen en reststoffen
  • Helpt bij het uitvoeren van de procedures voor de opstart en de werking van de motor, turbines, … (oliepeilen controleren, de motor doorblazen en voorsmeren, de brandstoftoevoer voorzien, …)
  • Helpt bij het opstarten en warmdraaien van de scheepsmotor(en)
  • Helpt bij het opstarten van pompen (lenspompen, brandstofpompen, ballastpomp,…) en assisteert bij het bedienen met behulp van pompventielen
  • Helpt bij het opstarten van compressoren, generators, ventilatiesystemen, …
  • Helpt bij de uitvoering van onderhoudswerkzaamheden (smeren, filters en oliebaden vervangen, onderhoudschemicaliën toevoegen, ontluchten, …)
  • Helpt bij onderhoud aan kabels, touwen, sluitingen, …
  • Maakt de machinekamer en aanverwante ruimtes schoon
  • Voert onder supervisie oppervlaktebehandelingen uit in de machinekamer en aan de installaties (schuren, ontroesten, schilderen, lakken, …)
  • Gebruikt onderhoudsproducten (oliën, chemicaliën, reinigingsproducten, lakken, verven, …)
  • Gebruikt gereedschap (sleutels, schroevendraaiers, vetpomp, …) onder toezicht
  • Oefent het gebruik van het veiligheidsmateriaal
  • Oefent EHBO
  • Draagt beschermings- en reddingsmateriaal
  • Hanteert de branduitrusting volgens de richtlijnen
  • Past BLS toe
  • Voert basishandelingen uit bij brandwonden en ongevallen door elektriciteit
  • Gebruikt het materiaal uit de EHBO-koffer
  • Legt eerste hulp verbanden aan
  • Bedient de hulpverleningsboot en het reddingsvaartuig bij het te water laten en de reddingsactie
  • Gebruikt overlevingsmateriaal
  • Gebruikt positiebepalend noodmateriaal en noodcommunicatie

Omgevingscontext

  • De scheepvaart kent veel nationale en internationale reglementeringen, normen, aanbevelingen waaraan voldaan moet worden
  • Dit beroep wordt uitgeoefend in het maritiem milieu. De activiteiten kunnen overal op het schip plaatsvinden
  • Dit beroep wordt uitgeoefend met flexibele werktijden, in shift (volcontinu, tijdens de nacht, het weekend en tijdens feestdagen)
  • De tijd aan boord wordt contractueel overeengekomen
  • Dit beroep wordt uitgeoefend in teamverband, waarbij de nodige flexibiliteit belangrijk is om zich aan te passen aan wijzigingen van planning, omgeving, weersomstandigheden en soort lading
  • Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen is verplicht
  • Het respecteren van deadlines is noodzakelijk voor bepaalde opdrachten
  • De situatie aan boord kan werken in moeilijke houdingen en omstandigheden impliceren
  • Dit beroep houdt in dat men zich 24 op 24 u aan boord bevindt waarbij men moet kunnen leven en werken op een beperkte oppervlakte. Dit gedurende een langere periode aan boord waarbij een continu contact met de teamleden (verschillende nationaliteiten, culturen, karakters , …)onontbeerlijk is
  • Op een schip geldt een hiërarchische structuur die door alle teamleden gerespecteerd moet worden

Handelingscontext

  • De matroos werktuigkundige moet steeds de veiligheids- en kwaliteitsvoorschriften respecteren
  • De matroos werktuigkundige gaat op constructieve en transparante wijze informatie uitwisselen met de andere bemanningsleden
  • De matroos werktuigkundige kan zich aanpassen en flexibel opstellen bij wisselende omgevingsfactoren en werkzaamheden
  • De matroos werktuigkundige dient planmatig te denken en zijn werkzaamheden te organiseren
  • De matroos werktuigkundige moet zorgvuldig voorbereidingen treffen en gebruik maken van materieel en materiaal
  • De matroos werktuigkundige kan gericht reageren bij gevaarlijke situaties (zoals storm, man-over-boord , …)
  • De matroos werktuigkundige moet bijblijven met de ontwikkelingen binnen de sector, dit vergt leergierigheid en het volgen van (verplichte) opleidingen
  • De matroos werktuigkundige respecteert de werkplek en houdt ze rein
  • De matroos werktuigkundige loopt wacht

Autonomie

Is zelfstandig in
  • het uitvoeren van beroepsspecifieke handelingen conform de wettelijke* bepalingen
  • het voorbereiden, uitvoeren en controleren van de opgelegde werkzaamheden
  • het toepassen van het evacuatieplan
  • het rapporteren van problemen aan boord
  • het verlenen van eerste hulp
  • het sorteren en stockeren van afval
  • het toepassen van het veiligheidsplan conform de procedures
Is gebonden aan
  • de door de regelgeving beschreven beroepsspecifieke competenties
  • de ontvangen werkopdrachten en instructies van de (hoofd)werktuigkundige
  • de tijdsplanning, veiligheids-, gezondheids-, kwaliteits- en milieuvoorschriften
  • de bedrijfseigen procedures
  • de nationale en internationale wetgeving
  • de orde en tuchtregeling van het vaartuig
Doet beroep op
  • de (hoofd)werktuigkundige voor de opdrachten, melden van problemen en bijkomende instructies
  • de bemanningsleden voor het ondersteunen van de activiteiten
*"STCW-Verdrag" : het Internationaal Verdrag betreffende de normen voor zeevarenden inzake opleiding, brevettering en wachtdienst, opgemaakt te Londen op 7 juli 1978 en goedgekeurd bij de wet van 16 augustus 1982

Verantwoordelijkheid

  • Werkt in teamverband
  • Handelt volgens de bedrijfseigen reglementering
  • Werkt met oog voor kwaliteit
  • Ondersteunt bij de uitvoering van de maatregelen om het marien leefmilieu te beschermen
  • Draagt bij tot de maritieme beveiliging
  • Ondersteunt bij de monitoring en controle van een machinekamerwacht
  • Helpt bij de bediening van de hoofd-, hulp- en scheepsspecifieke installaties en de handhaving van de werking ervan
  • Helpt bij het onderhoud van de voortstuwings- en hulpinstallaties en hun controlesysteem
  • Hanteert de veiligheidsuitrusting en –procedures volgens de richtlijnen en oefent de veiligheidsprocedures op het schip
  • Waarschuwt de leidinggevende bij incidenten/accidenten en voert de urgentiemaatregel uit
  • Doet aan brandpreventie en brandbestrijding
  • Voert EHBO uit
  • Gebruikt en bedient reddingsvaartuigen en hulpverleningsboten onder supervisie van de officier
  • Past persoonlijke overlevingstechnieken toe
  • Volgt de eigen administratie op

Attesten en voorwaarden

Wettelijke attesten en voorwaarden

Voor de beroepsuitoefening van ‘Matroos werktuigkundige STCW III/4’ is het beschikken van volgende attesten en/of voldoen aan volgende voorwaarden wettelijk verplicht:
  • Vaarbevoegdheidsbewijs zoals bepaald in Koninklijk besluit inzake vaarbevoegdheidsbewijzen voor zeevarenden (24 mei 2006)