Hulpmonteur steigerbouw

 
BK-0306-1

Globaal

Titel

Hulpmonteur steigerbouw

Deze benaming wordt gebruikt in het beroepscompetentieprofiel van het Fonds voor Vakopleiding in de Bouwnijverheid fvb - ffc constructiv. Deze benaming wordt algemeen gebruikt door de sector. De Competentfiche van SERV (I150302) omschrijft het werkgebied van de ‘Stellingbouw’. De Competentfiche geeft ook benamingen aan zoals ‘Chef monteur stellingbouw’, ‘Monteur van steigers’, ‘Monteur stellingbouw’, ‘Steigermonteur’, ‘Stellingmonteur’, ‘Stellingbouwer’ of ‘Teamleider stellingbouw’.

Steigerbouwer en stellingbouwer zijn overkoepelende benamingen. Bij de steigerbouwers kunnen we meerdere beroepskwalificaties identificeren. Deze onderverdeling is gebaseerd op bijkomende competenties in het (de)monteren van steigers van steeds complexere aard en activiteiten zoals het keuren, vrijgeven van steigers van diverse complexiteit, het aansturen van teamleden en het communiceren met klanten en opdrachtgevers.

Definitie

De hulpmonteur steigerbouwer assisteert bij montage en demontage van tijdelijke constructies in steigermateriaal (steigers, trappen, platformen, ondersteuningen, …) volgens de gangbare veiligheidsregels, teneinde veilige steigerconstructies te helpen realiseren.

Niveau (VKS en EQF)

2

Jaar van erkenning

versie 1, 2017

Competenties

Opsomming competenties

  • Competentie 1:
    Werkt in teamverband
    • Communiceert effectief en efficiënt
    • Wisselt informatie uit met collega’s en verantwoordelijken
    • Overlegt over de voorbereiding, uitvoering en afwerking van de opdracht
    • Rapporteert aan leidinggevenden
    • Werkt efficiënt samen met collega's
    • Volgt aanwijzingen van verantwoordelijken op
    • Past zich flexibel aan (verandering van collega’s, …)
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 2:
    Werkt met oog voor kwaliteit
    • Evalueert de eigen werkzaamheden kwalitatief en kwantitatief, en stuurt desnoods bij
    • Gaat zuinig om met materialen, gereedschappen, tijd en vermijdt verspilling
    • Houdt zich aan de regels voor traceerbaarheid van producten en uitgevoerde werken door het bijhouden van de etiketten en markering van de gebruikte materialen
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 3:
    Werkt met oog voor welzijn, veiligheid en milieu
    • Herkent en signaleert gevaarlijke situaties, neemt gepaste maatregelen bij ongelukken en meldt ongevallen en incidenten volgens interne procedures
    • Past de voorschriften met betrekking tot netheid en hygiëne toe
    • Neemt een ergonomische werkhouding aan
    • Controleert de aanwezigheid van en gebruikt PBM’s en CBM’s volgens de specifieke voorschriften
    • Ziet er op toe dat veiligheids- en milieuvoorschriften worden gerespecteerd
    • Herkent, voorkomt en beschermt tegen specifieke risico’s zoals gevaarlijke en schadelijke stoffen (cement en hulpstoffen, kwarts- en houtstof, asbesthoudende producten, …), lawaai, brand en explosies
    • Sorteert afval volgens de richtlijnen en vraagt om informatie in geval van twijfel
    • Gebruikt water voor taken en schoonmaak efficiënt
    • Gebruikt energiestromen duurzaam
    • Beperkt geluidshinder
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 4:
    Gebruikt en onderhoudt PBM's
    • Controleert de verplichte PBM’s visueel en gaat na of deze gebruikt mogen worden
    • Gebruikt de verplichte PBM’s op de juiste wijze
    • Onderhoudt de verplichte PBM’s op een correcte manier en bergt deze op
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 5:
    Gebruikt de op het eigen werkgebied van toepassing zijnde arbeidsmiddelen
    • Selecteert en controleert de arbeidsmiddelen die hij bij de uitoefening van het beroep mag gebruiken
    • Gebruikt de verschillende arbeidsmiddelen die bij de uitoefening van het eigen beroep van toepassing zijn en gebruikt mogen worden, volgens de gebruikshandleiding
    • Onderhoudt de arbeidsmiddelen en reinigt deze na gebruik
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 6:
    Communiceert over de werkopdracht
    • Ontvangt en begrijpt de opdracht en de instructienota
    • Leest en begrijpt montage-, demontage- of ombouwschema van een steiger met standaardconfiguratie*
    • Wisselt effectief en efficiënt informatie over de werkopdracht uit met collega’s en leidinggevenden
    • Herkent, benoemt en beschrijft gebruikelijke steigertypes en toepassingen
    • Gebruikt de vakterminologie
    • Duidt met gebaren de gebruikelijke steigeronderdelen aan
  • met inbegrip van kennis:
* * Standaardconfiguratie: het verschil tussen steigers die vallen onder de standaardconfiguratie en de steigers die hiervan afwijken (complexe steigers) is vastgelegd in de “Code van Goede Praktijk Stellingbouw” (zie http://vsbbbe.webhosting.be/wp-content/uploads/2015/02/CvGPS-20141206-rev2.pdf)
  • Competentie 7:
    Organiseert de werkplek veilig en ordelijk
    • Richt de eigen werkplek in volgens voorschriften en/of instructies
    • Houdt rekening met de algemene werforganisatie en de logische werkvolgorde
    • Ruimt na de dagtaak de werkplek op
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 8:
    Herkent en reageert bij tekortkomingen, gevaren/onveilige situaties, bijna ongevallen en ongevallen
    • Herkent en benoemt tekortkomingen, gevaren/onveilige situaties, bijna ongevallen en ongevallen
    • Past de juiste meldingsprocedures toe
    • Legt het werk stil als de veiligheid voor hemzelf of derden in het gedrang komt
    • Herkent en benoemt praktijksituaties die onveilig kunnen zijn en geeft daarbij de verbeteringspunten aan
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 9:
    Voert logistieke handelingen uit
    • Bereidt de logistieke handelingen zodanig voor dat ze op een veilige en efficiënte wijze kunnen worden uitgevoerd
    • Kiest een geschikte plaats voor het stockeren van materialen, materieel en gereedschappen
    • Voert handelingen uit op ergonomisch verantwoorde wijze
    • Assisteert bij het laden en lossen van vrachtwagens en materiaalwagens
    • Neemt leveringen in ontvangst en controleert op hoeveelheid en kwaliteit
    • Beoordeelt het steigermateriaal visueel
    • Plaatst materieel op het terrein en bij de werkplek handmatig of met mechanische arbeidsmiddelen
    • Beschermt en stockeert de materialen, materieel en gereedschappen
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 10:
    Assisteert bij het veilig monteren, demonteren en ombouwen van steigers met standaardconfiguratie
    • Beoordeelt het steigermateriaal visueel
    • Geeft de juiste (de)montagevolgorde van het materiaal van een standaardconfiguratie aan
    • Zorgt dat de monteurs en chef-monteur het juiste materiaal op het juiste moment ter plaatse hebben
    • Assisteert bij het (de)monteren en ombouwen van een steiger met een standaardconfiguratie, onder toezicht van een monteur en/of chef-monteur
  • met inbegrip van kennis:

Beschrijving competenties a.d.h.v. de descriptorelementen

Kennis

  • Basiskennis elektriciteit
  • Basiskennis van EHBO
  • Basiskennis van de wetgeving, regelgeving, procedures en aansprakelijkheden die van toepassing zijn op gebied van steigerbouw en ladders (ARAB – Codex – KB 31.08.2005 – Europese en Belgische normen)
  • Basiskennis van de bevoegdheden van betrokkenen bij gebruik en montage van een steiger
  • Basiskennis van wettelijke bepalingen voor werfsignalisatie
  • Basiskennis van de begrippen ‘sterkte’, ‘stijfheid’ en ‘stabiliteit’ en het belang daarvan voor een steigerconstructie
  • Basiskennis van de voorwaarden inzake toelaatbare belasting van de betrokken steiger
  • Basiskennis van de verschillende procedures die gelden voor werknemers en werkgevers in verband met onveilige werksituaties
  • Basiskennis van de mogelijke tekortkomingen, gevaren en onveilige situaties
  • Basiskennis van het verschil tussen bijna-ongevallen en ongevallen
  • Basiskennis van de meldingsprocedures bij tekortkomingen, gevaren/onveilige situaties, bijna-ongevallen en ongevallen
  • Basiskennis van de principes bij (de)montage van een standaardconfiguratie
  • Basiskennis van het verschil tussen steigers die vallen onder de steigers met standaardconfiguratie en de steigers die hiervan afwijken (steigers met complexe configuratie)
  • Basiskennis van transport(hulp)middelen
  • Kennis van milieuzorgsystemen en -voorschriften in functie van de eigen werkzaamheden
  • Kennis van de bouwplaatsorganisatie
  • Kennis veiligheids-, gezondheids-, hygiëne- en welzijnsvoorschriften
  • Kennis van specifieke risico’s van kwarts- en houtstof en andere gevaarlijke producten
  • Kennis van specifieke risico’s van elektriciteit, lawaai, trillingen, brand en explosies
  • Kennis van de maatregelen ter preventie van de risico's dat personen of voorwerpen vallen
  • Kennis van de veiligheidsmaatregelen bij veranderende weersomstandigheden die afbreuk zouden kunnen doen aan de veiligheid van de betrokken steiger
  • Kennis van ergonomische hef-, til- en werktechnieken
  • Kennis van de maximale fysieke belasting
  • Kennis van de verplichte PBM’s en CBM’s
  • Kennis van de verplichtingen van werkgevers en werknemers, de afkeurstandaarden bij visuele controle, de onderhouds- en reinigingsvoorschriften en het correcte gebruik van de verplichte PBM’s
  • Kennis van (veiligheids)pictogrammen
  • Kennis van de voorschriften rond afvalbeheer
  • Kennis van een geoptimaliseerd verbruik van water, materialen en energie
  • Kennis van werkdocumenten
  • Kennis van materialen, gereedschappen en machines
  • Kennis van technische voorschriften en aanbevelingen in functie van de eigen werkzaamheden
  • Kennis van de onveilige situaties (voor hemzelf of voor derden) waarin het werk stilgelegd moet worden
  • Kennis van de arbeidsmiddelen die gebruikt mogen worden zonder attesten of certificaten en degene waarvoor attesten of certificaten vereist zijn
  • Kennis van de efficiënte, veilige en ergonomische sorteer- en stapelmethodes
  • Kennis van de vakterminologie
  • Kennis van de verschillende types steigers en hun toepassingen
  • Kennis van de verschillende gebruikelijke steigeronderdelen en hun functie/toepassing voor zowel systeemsteigers als universeel materiaal
  • Kennis van de afkeurcriteria bij de controle van steigeronderdelen
  • Kennis van de gangbare gebaren om de gebruikelijke steigeronderdelen mee aan te duiden
  • Kennis van de juiste volgorde van materialen die nodig zijn bij (de)montage van een standaardconfiguratie

Cognitieve vaardigheden

  • Het kunnen rapporteren aan de leidinggevende
  • Het kunnen efficiënt communiceren met collega’s en derden: kunnen overleggen over de voorbereiding, uitvoering en afwerking van de eigen opdracht en afstemmen van de eigen werkzaamheden op de activiteiten van anderen (bouwteam)
  • Het kunnen controleren van de aanwezigheid van CBM’s volgens de specifieke voorschriften
  • Het kunnen herkennen, voorkomen en beschermen tegen specifieke risico’s van gevaarlijke stoffen (cement en hulpstoffen, kwarts- en houtstof, asbesthoudende producten,…)
  • Het kunnen herkennen, voorkomen en beschermen tegen specifieke risico’s zoals lawaai, trillingen, brand en explosies
  • Het kunnen herkennen en signaleren van gebreken bij het gebruik van ladders en steigers
  • Het kunnen zorgzaam, efficiënt en veilig omgaan met materialen, gereedschappen en machines
  • Het kunnen er op toezien dat veiligheids- en milieuvoorschriften die van toepassing zijn op het werkgebied worden gerespecteerd
  • Het kunnen visueel controleren van de verplichte PBM’s en nagaan of deze gebruikt mogen worden
  • Het kunnen op de juiste wijze gebruiken van de verplichte PBM’s
  • Het kunnen op een correcte manier onderhouden en opbergen van de verplichte PBM’s
  • Het kunnen herkennen en benoemen van tekortkomingen, gevaren/onveilige situaties, bijna ongevallen en ongevallen
  • Het kunnen aangeven van verbeteringspunten bij onveilige situaties
  • Het kunnen toepassen van de juiste meldingsprocedures
  • Het kunnen het werk stil leggen als de veiligheid voor zichzelf of derden in het geding komt
  • Het kunnen selecteren en controleren van de arbeidsmiddelen die bij de uitoefening van het beroep mogen gebruikt worden
  • Het kunnen in ontvangst nemen van leveringen en controleren op hoeveelheid en kwaliteit
  • Het kunnen voorbereiden van de logistieke handelingen zodanig dat ze op een veilige en efficiënte wijze kunnen worden uitgevoerd
  • Het kunnen kiezen van een geschikte plaats voor het stockeren van materialen, materieel en gereedschappen
  • Het kunnen herkennen en benoemen van de verschillende steigeronderdelen en hun functie/toepassing
  • Het kunnen aanduiden, op non-verbale manier (met gebaren), van gebruikelijke steigeronderdelen
  • Het kunnen begrijpen van het montage-, demontage- of ombouwschema van een steiger met standaardconfiguratie in functie van de eigen werkzaamheden
  • Het kunnen in de juiste volgorde ter plaatse hebben van de voor de montage benodigde materialen
  • Het kunnen het visueel beoordelen en classificeren van de veelvoorkomende steigerbouwonderdelen

Probleemoplossende vaardigheden

  • Het kunnen het kwalitatief en kwantitatief evalueren en desnoods bijsturen van de eigen werkzaamheden

Motorische vaardigheden

  • Het kunnen toepassen van ergonomische hef- en tiltechnieken
  • Het kunnen gebruiken van ladders en steigers volgens de veiligheidsregels
  • Het kunnen gebruiken van de verschillende arbeidsmiddelen die bij de uitoefening van het eigen beroep van toepassing zijn en gebruikt mogen worden volgens de gebruikshandleiding
  • Het kunnen onderhouden en reinigen van de arbeidsmiddelen na gebruik
  • Het kunnen assisteren bij het laden en lossen van vrachtwagens en materiaalwagens
  • Het kunnen (handmatig of met mechanische hulpmiddelen) plaatsen van materieel op het terrein en bij de werkplek
  • Het kunnen sorteren en stapelen van materiaal
  • Het kunnen beschermen en stockeren van materialen, materieel en gereedschappen op de daartoe gekozen plaats
  • Het kunnen assisteren bij monteren, demonteren of ombouwen van een steiger met standaardconfiguratie

Omgevingscontext

  • Dit beroep wordt uitgeoefend op locatie in open of gesloten gebouwen die bewoond of in gebruik kunnen zijn.
  • Dit beroep wordt meestal in team uitgeoefend, waarbij de nodige flexibiliteit belangrijk is om zich aan te passen aan wijzigingen van planning, omgeving, klimatologische omstandigheden en risico’s.
  • De werkopdracht en het eindresultaat wordt strikt afgebakend en er heersen in veel gevallen strikte deadlines, wat resultaatgerichtheid, stressbestendigheid, concentratie, flexibiliteit en doorzettingsvermogen vraagt.
  • De bouwsector kent veel reglementeringen, normen, aanbevelingen, codes van goede praktijk en technische voorlichtingsfiches inzake kwaliteit, veiligheid, gezondheid, hygiëne, welzijn, milieu en duurzaam bouwen.
  • De situatie op de werkplek kan het dragen van lasten en werken in moeilijke houdingen en omstandigheden impliceren.

Handelingscontext

  • Oog hebben voor kwaliteit en de veiligheidseisen, door met zorg, precisie, toewijding en respect voor de veiligheidsprocedures te werken.
  • Op constructieve en gebruiksvriendelijke wijze uitwisselen van informatie met collega’s.
  • Aandacht hebben voor gevaarlijke situaties, veiligheidsprocedures en de signalisatie op de bouwplaats respecteren en PBM’s en CBM’s met zorg plaatsen, gebruiken en onderhouden.
  • Omzichtig omgaan met steigermateriaal, rekening houdend met veiligheids-, plaatsingsvoorschriften.
  • Zorgvuldig en nauwkeurig gebruiken van machines, gereedschappen en materialen.

Autonomie

Is zelfstandig in
  • het plannen en voorbereiden van de eigen werkzaamheden
  • bepalen van de eigen werkvolgorde
  • controleren van PBM’s
  • visueel beoordelen van steigermateriaal
Is gebonden aan
  • een ontvangen werkopdracht en tijdsplanning
  • kwaliteits- en milieuvoorschriften
  • codes van goede praktijk
  • wettelijke en technische voorschriften
  • veiligheids- en gezondheidsinstructies
  • afspraken met collega’s en derden
  • instructies van de leidinggevende
Doet beroep op
  • een leidinggevende voor de werkopdracht en bij problemen (gevaarlijke en/of onveilige situaties, …)

Verantwoordelijkheid

  • Het werken in teamverband
  • Het werken met oog voor kwaliteit
  • Het werken met oog voor welzijn, veiligheid en milieu
  • Het gebruiken en onderhouden van PBM’s
  • Het gebruiken van de op het eigen werkgebied van toepassing zijn de arbeidsmiddelen
  • Het communiceren over de werkopdracht
  • Het veilig en ordelijk organiseren van zijn werkplek
  • Het herkennen en reageren bij tekortkomingen, gevaren/onveilige situaties, bijna-ongevallen en ongevallen
  • Het uitvoeren van logistieke handelingen
  • Het assisteren bij het veilig monteren, demonteren en ombouwen van steigers met standaardconfiguratie

Attesten en voorwaarden

Wettelijke attesten

Er zijn geen wettelijke attesten of voorwaarden vereist.