Zetelstoffeerder automobiel

 
BK-0132-1

Globaal

Titel

Zetelstoffeerder automobiel

Deze benaming wordt niet gebruikt in de Competent-fiche B180601 Stoffeerder (m/v). De overeenkomstige titel in de Competent-fiche is ‘Garnierder’. ‘Garnierder’ is echter een verouderde term.

Definitie

Het voorbereiden van de eigen werkzaamheden en grondstoffen, het aanbrengen van vul- en afdekmateriaal op het karkas, het aanbrengen en dichtnaaien van naden van het bekledingsmateriaal en bij het herstofferen het verwijderen van oude bekleding, afdekmateriaal, vulling teneinde zitmeubels zoals auto- en buszetels, salons en het interieur van het voertuig te (her)stofferen met stof of leder.

Niveau (VKS en EQF)

2

Jaar van erkenning

versie 1, 2014

Competenties

Opsomming competenties

  • Competentie 1:
    Werkt in teamverband
    • Communiceert effectief en efficiënt
    • Wisselt informatie uit met collega’s, verantwoordelijken en/of derden
    • Rapporteert aan leidinggevenden
    • Werkt efficiënt samen met collega's
    • Volgt aanwijzingen van verantwoordelijken op
    • Past zich flexibel aan (verandering van collega’s, …)
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 2:
    Werkt met oog voor veiligheid, milieu, kwaliteit en welzijn
    • Maakt onderscheid tussen gevaarlijk en niet gevaarlijke producten en afvalstoffen
    • Vraagt om informatie in geval van twijfel over afvalstoffen
    • Sorteert afval volgens de richtlijnen
    • Houdt zich aan de regels voor traceerbaarheid van producten
    • Werkt ergonomisch
    • Gebruikt persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen (PBM’s en CBM’s )
    • Ziet er op toe dat veiligheids- en milieuvoorschriften worden gerespecteerd
    • Meldt problemen aan de verantwoordelijke
  • met inbegrip van kennis:
* PBM’s = persoonlijke beschermingsmiddelen, CBM’s = collectieve beschermingsmiddelen
  • Competentie 3:
    Organiseert zijn werkplek veilig en ordelijk
    • Organiseert zijn werkplaats rekening houdend met een logische werkvolgorde
    • Richt de werkplaats (ergonomisch) in
    • Beperkt stofemissie
    • Sorteert afval volgens de richtlijnen
    • Houdt de werkplek schoon
    • Bergt de eigen gereedschappen en hulpmiddelen op
    • Ziet er op toe dat veiligheids- en milieuvoorschriften worden gerespecteerd
    • Gebruikt (stof)afzuigapparatuur/installaties
    • Gebruikt persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen (PBM’s en CBM’s)
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 4:
    Volgt de planning op
    • Neemt kennis van de eigen werkopdracht
    • Leest en begrijpt (werk)tekeningen en/of ontwerpen
    • Controleert de aangeleverde (productie)gegevens (aantal, compleetheid, juistheid, …)
    • Neemt de planning door
    • Meet op (bekleding , vulling, …)
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 5:
    Controleert de voorraad grondstoffen en materialen (beschikbaarheid, tekorten, hoeveelheid, kwaliteitsafwijkingen, … )
    • Houdt de voorraad op peil
    • Controleert de te verwerken grondstoffen en materialen en onderneemt actie bij afwijkingen (gebreken, tekorten …)
    • Selecteert de materialen die voldoen aan de kwaliteitseisen en de werkopdracht
    • Stemt de hoeveelheid af op de opdracht
    • Houdt rekening met de interne codering
    • Neemt levering(en) in ontvangst en controleert de levering(en)
    • Selecteert, controleert en hanteert materialen / gereedschappen
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 6:
    (De)monteert karkassen van (zit)meubelen
    • Houdt zich aan de werkopdracht
    • (De)monteert indien nodig de onderdelen van het (zit)meubel
    • Gebruikt elektrisch en pneumatisch handgereedschap
    • Gebruikt gereedschap en hulpmiddelen om (zit)meubels te (de)monteren
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 7:
    Bedient en stelt machines in om vulmateriaal te bewerken
    • Raadpleegt (technische) voorschriften en productfiches
    • Bepaalt de te gebruiken machines
    • Stelt de machine (parameters, geleiders, naald, draad,…) in
    • (De)monteert en stelt hulpstukken en beveiligingen in
    • Controleert de beveiliging voor het opstarten
    • Start, stopt en de bedient de machine
    • Maakt een proefstuk/-bewerking
    • Bewerkt vul- en bekledingsmateriaal conform de werkopdracht
    • Stapelt zorgvuldig volgens een logische verwerkingsvolgorde
    • Controleert kwaliteit en maatvoering
    • Gebruikt meet- en controlegereedschap
    • Merkt afwijkingen, storingen of de nood aan preventief onderhoud op
    • Onderneemt actie bij onvoorziene omstandigheden of problemen
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 8:
    Voorstoffeert de (zit)meubelen (grijswerk)
    • Houdt zich aan de werkopdracht en de technische fiches
    • Bepaalt de optimale werkvolgorde, eventueel in overleg met de leidinggevende
    • Brengt singels of veren met de juiste spanning aan op de (zit)meubels/karkassen/salons
    • Brengt vulmaterialen aan op de meubels
    • Brengt veren- en ruglinnen, karton, bourlets, profielen, … aan op de meubels/karkassen/salons
    • Controleert kwaliteit en maatvoering
    • Gebruikt elektrisch en pneumatisch handgereedschap
    • Gebruikt stoffeergereedschappen
    • Gebruikt een lijmpistool
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 9:
    Brengt bekledingsmateriaal aan
    • Houdt zich aan de werkopdracht en de technische fiches
    • Trekt bekledingsmateriaal over de te stofferen onderdelen
    • Spant bekledingsmaterialen aan
    • Zet bekledingsmaterialen vast of naait de open naden dicht
    • Brengt materialen op de meest praktische volgorde aan op het (zit)meubel
    • Controleert kwaliteit en maatvoering
    • Gebruikt elektrisch en pneumatisch handgereedschap
    • Gebruikt stoffeergereedschappen
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 10:
    Werkt gestoffeerde (zit)meubelen af
    • Vergaart onderdelen volgens een logische volgorde
    • Brengt biesnaad, meubelkoord … aan
    • Controleert kwaliteit en maatvoering
    • Gebruikt elektrisch en pneumatisch handgereedschap
    • Gebruikt stoffeergereedschappen
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 11:
    Reinigt en bergt machines en gereedschappen zorgvuldig op
    • Houdt zich aan procedures en voorschriften
    • Voert eenvoudige onderhoudswerkzaamheden uit
    • Bergt restmateriaal en stoffeergereedschap zorgvuldig op
    • Rapporteert problemen aan de verantwoordelijke
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 12:
    Transporteert intern grondstoffen en materialen
    • Houdt zich aan procedures en voorschriften
    • Verplaatst veilig en op ergonomisch verantwoorde wijze
    • Stapelt zorgvuldig volgens een logische verwerkingsvolgorde
    • Gebruikt interne transportmiddelen, waarvoor hij bevoegd is
    • Past hef- en tiltechnieken toe
    • Onderneemt actie bij onvoorziene omstandigheden of problemen
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 13:
    Vult kussens op
    • Vult manueel of machinaal kussens op
    • Naait of ritst de open naden dicht
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 14:
    Ontmantelt (zit)meubelen om te herstofferen
    • Houdt zich aan de werkopdracht
    • Ontmantelt (zit)meubels
    • Maakt de meubels klaar om te herstofferen
    • Gebruikt gereedschap en hulpmiddelen om meubels te ontmantelen
    • Signaleert verborgen gebreken aan de verantwoordelijke
  • met inbegrip van kennis:
  • Competentie 15:
    Restaureert en herstoffeert
    • Bepaalt welke onderdelen kunnen hergebruikt worden en welke moeten vernieuwd worden
    • Vervangt voorstoffering/grijswerk indien nodig
    • Brengt nieuw bekledingsmateriaal aan
    • Brengt afwerkingen aan
    • Controleert kwaliteit en maatvoering
    • Meldt problemen/afwijkingen aan leidinggevende/verantwoordelijke
  • met inbegrip van kennis:

Beschrijving competenties a.d.h.v. de descriptorelementen

Kennis

  • Basiskennis naaitechnieken
  • Basiskennis hout en plaatmaterialen
  • Basiskennis van milieuzorgsystemen en -voorschriften in functie van de eigen werkzaamheden
  • Basiskennis van rapporteren
  • Basiskennis van het sorteren van afval
  • Basiskennis van opvolging van voorraad
  • Basiskennis van onderhoudswerkzaamheden aan de eigen machines/gereedschappen
  • Kennis van informatiebronnen
  • Kennis van de ergonomie van het zitten
  • Kennis van vakterminologie
  • Kennis van werkdocumenten en tekeningen
  • Kennis van interne productieprocedures
  • Kennis van grondstoffen: Bekledingsmaterialen, Vulmaterialen, Afdekmaterialen, Leer en kunstleer, Veren en singels, Bevestigingsmaterialen, Lijmen, Onderhoudsmaterialen
  • Kennis van de opbouw van een karkas
  • Kennis van stoffeertechnieken
  • Kennis van bevestigingstechnieken voor bekleding
  • Kennis van bevestigingstechnieken voor afwerking
  • Kennis van montagetechnieken
  • Kennis van elektrisch en pneumatisch handgereedschap
  • Kennis van stoffeergereedschap
  • Kennis van machines
  • Kennis van knip- ,snij- en zaagtechnieken in functie van de eigen werkzaamheden
  • Kennis van technische voorschriften en aanbevelingen in functie van de eigen werkzaamheden
  • Kennis van controle- en meetmethoden en -middelen
  • Kennis van interne transportmiddelen
  • Kennis van kwaliteitsnormen, waarden en toleranties
  • Kennis van persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen
  • Kennis van (veiligheids)pictogrammen
  • Kennis van ergonomische hef- en tiltechnieken
  • Kennis van etikettering en productidentificatie
  • Kennis van veiligheidsvoorschriften
  • Kennis van procedures en (bedrijfs)voorschriften
  • Kennis van het stapelen van materialen

Cognitieve vaardigheden

  • Het kunnen lezen en interpreteren van werkdocumenten, tekeningen en deze gegevens vertalen naar de eigen werkzaamheden
  • Het mondeling en/of schriftelijk kunnen rapporteren aan de leidinggevende en efficiënt communiceren met collega’s en derden
  • Het kunnen identificeren van verschillende grondstoffen ( bekledings-, vul- en afdekmateriaal, singels, veren, … )
  • Het kunnen controleren en uitvoeren van de werkopdracht volgens de planning, werktekeningen, de voorschriften en productfiches
  • Het kunnen raadplegen van technische bronnen en het afleiden van (productie)gegevens uit o.a. werktekeningen en plannen
  • Het (visueel) kunnen identificeren van afwijkingen en gebreken aan de grondstoffen en eindproducten
  • Het kunnen bijhouden van gegevens over het verbruik van materiaal en het productieverloop
  • Het kunnen instellen van machines, voor meubelstofferen
  • Het kunnen starten, bedienen en stoppen van de machines voor meubelstofferen om een zo efficiënt mogelijke productie te realiseren
  • Het kunnen bewerken van materialen voor meubelstofferen
  • Het kunnen naleven van veiligheids-, gezondheids-, hygiëne- en welzijnsvoorschriften
  • Het kunnen uitvoeren van preventief basisonderhoud
  • Het kunnen toepassen van kwaliteitscontroles met de geschikte instrumenten

Probleemoplossende vaardigheden

  • Het gepast kunnen reageren op vastgestelde problemen met betrekking tot kwaliteit, veiligheid, milieu, proces en techniek, rekening houdend met de voorschriften/procedures
  • Het kunnen bijsturen van de werkopdracht bij onvoorziene omstandigheden
  • Het kunnen bijstellen van de machines voor meubelstofferen bij afwijkingen aan de bewerkte werkstukken
  • Het kunnen aanpassen van de eigen planning aan wijzigende omstandigheden
  • Het proactief kunnen nemen van gepaste maatregelen bij veiligheidsrisico’s rekening houdend met de voorschriften/procedures
  • Het kunnen oplossen van routinematige problemen m.b.t. de eigen activiteiten

Motorische vaardigheden

  • Het kunnen bedienen van elektrisch en pneumatisch handgereedschap
  • Het kunnen hanteren van handgereedschap
  • Het kunnen in- en omstellen van machines voor meubelstofferen
  • Het kunnen bedienen van de machines voor meubelstofferen
  • Het kunnen ontmantelen en (de)monteren van (zit)meubelen
  • Het kunnen aanbrengen van bekledings-, vul- en afdekmateriaal, singels, veren, … volgens voorschriften van de fabrikant
  • Het kunnen aanbrengen van bekledingsmateriaal (stof, leder)
  • Het kunnen gebruiken van toestellen voor goederentransport

Omgevingscontext

  • Dit beroep wordt uitgeoefend in de werkplaats of de productieruimte van auto- en autobusbedrijven of toeleveringsbedrijven voor autozetels in de automobielsector.
  • Dit beroep wordt meestal in teamverband uitgeoefend, meestal in een onderneming waar de nodige flexibiliteit belangrijk is om zich aan te passen aan wijzigingen van planning, omgeving, grondstoffen en machines.
  • De sector kent veel reglementeringen, normen, aanbevelingen en technische voorlichtingsfiches inzake kwaliteit, veiligheid, gezondheid, hygiëne, welzijn, milieu en duurzaamheid.
  • Verspilling en de rijzende afvalberg dwingen tot een economische en ecologische omgang met en hergebruik van grondstoffen en materialen.
  • Bij het werken met machines kan er lawaaihinder en (hout)stof voorkomen.
  • De situatie op de werkplek kan het dragen van lasten en werken in moeilijke houdingen en omstandigheden impliceren.
  • et bijblijven met de (technologische) ontwikkelingen binnen de sector vergt leergierigheid en het volgen van (verplichte) opleidingen.

Handelingscontext

  • De werkzaamheden zijn van fysieke aard en vragen lichamelijke inspanningen aan de zetelstoffeerder automobiel : tillen, sjouwen, werken onder een hoek, werken in moeilijke houdingen en omstandigheden
  • Gebruik van elektrisch en pneumatisch gereedschap kan gevaar inhouden voor het oplopen van snijwonden, het klem raken van de machine, het stoten tegen voorwerpen, gevaar voor elektrocutie, …
  • De zetelstoffeerder automobiel heeft oog voor kwaliteit en de tevredenheid van de klant door met zorg, toewijding en zin voor esthetiek te werken
  • De zetelstoffeerder automobiel moet op constructieve en gebruiksvriendelijke wijze informatie uitwisselen met klanten, collega’s en derden
  • De zetelstoffeerder automobiel heeft aandacht voor gevaarlijke situaties, respecteert veiligheidssignalisatie op de werkplek en gebruikt en onderhoudt PBM’s en CBM’s met zorg
  • De zetelstoffeerder automobiel gaat omzichtig om met grondstoffen en producten, rekening houdend met veiligheidsvoorschriften
  • De zetelstoffeerder automobiel moet zorgvuldig en nauwkeurig omgaan met machines, gereedschappen en materialen
  • De zetelstoffeerder automobiel moet constant bewust zijn van de mogelijke impact van zijn handelingen

Autonomie

Is zelfstandig in
  • (volgens de planning en de werkopdracht en onder toezicht en verantwoordelijkheid van de leidinggevende)
  • het uitvoeren van de plannen en voorbereiden van de eigen werkzaamheden
  • het uitvoeren van de werkzaamheden, voorbereiden, (de)monteren, het bewerken, voorstofferen, stofferen, afwerken en controleren
Is gebonden aan
  • een ontvangen werkopdracht en tijdsplanning
  • veiligheids- en milieuvoorschriften, technische voorschriften, productfiches, werktekeningen
Doet beroep op
  • leidinggevende voor de werkopdracht, (productie)gegevens, planning, melden van problemen/storingen, bijkomende instructies en voor advies wanneer door omstandigheden of in bepaalde situaties de uitvoering van zijn werk bemoeilijkt of belemmerd worden
  • (onderhouds)technicus en/of derden bij storingen, technische interventies en/of onderhoud aan de machines

Verantwoordelijkheid

  • Efficiënte functionering binnen een onderneming
  • Milieubewuste, kwalitatieve en veilige uitvoering van opdrachten
  • Een veilige en ordelijke werkplek
  • Gecontroleerde grondstoffenvoorraad en materialen in functie van de werkopdracht
  • (De)montering van karkassen voor (zit)meubelen
  • Ingestelde machines voor meubelstoffering en bewerking van materialen
  • Voorstoffering van de (zit)meubelen (grijswerk)
  • Aangebracht bekledingsmateriaal
  • Afgewerkte en gestoffeerde (zit)meubelen
  • Zorgvuldig gereinigde en opgeborgen machines en gereedschappen
  • Het transport van grondstoffen, constructie-onderdelen en materialen
  • Opgevulde kussens
  • Ontmantelde (zit)meubelen om te herstofferen
  • Restauratie en herstoffering

Attesten en voorwaarden

Wettelijke attesten

Er zijn geen wettelijke attesten of voorwaarden vereist.